Als iemand me vraagt waar te beginnen, noem ik altijd dezelfde drie.
Voor de allerkleinsten: Valdemars fopspenen. Omdat het over iets gaat wat elk kind van twee of drie meemaakt, en omdat de tekeningen zo grappig zijn dat volwassenen meelachen.
Voor vier- en vijfjarigen: Als Beer verliefd is. Een boek over grote gevoelens in een klein hart, zonder ook maar één keer belerend te worden.
Voor zes en ouder: 1001 koeien. Dat boek gaat ergens over - over hoe iets goeds groter en groter wordt tot het niet meer goed is. Kinderen begrijpen dat sneller dan wij denken.
Alle drie lees je makkelijk twintig keer. Dat is voor mij de test.



